Achter de schermen van de lockdown

Van iedereen vraagt deze coronatijd een flinke dosis flexibiliteit en creativiteit. Dat geldt ook voor Kringloop de Kempen. Wat doe je als organisatie, als je de deuren van drie vestigingen moet sluiten, waar normaal gesproken per week 150 vrijwilligers en mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en 900 bezoekers over de vloer komen? Zit iedereen stil of is er nog activiteit achter de schermen? Een inkijkje.

 

 

Lees hieronder verder…

Minimale bezetting

Voor assistent-bedrijfsleider Erwin van Eerd, die belast is met de coördinatie van alle operationele zaken, ziet het werk er nu anders uit. Hij legt uit dat er op alle filialen een minimale bezetting geregeld is, die alleen bestaat uit het vaste personeel. Tevens is de werkweek gehalveerd en zijn de werkdagen korter. “Dit is gedaan voor ieders veiligheid en tevens om de kosten te drukken van de vrijwilligersvergoeding”, aldus Erwin.

In Veldhoven is die minimale bezetting van 15 medewerkers er op maandag, woensdag en vrijdag: de dagen dat ze de kledingcontainers legen en de inhoud ervan meteen door vier medewerkers wordt verwerkt. “Dat is een aardig clubje, maar er wordt dan ook via deze weg heel veel ingeleverd”, legt Erwin uit. “In Veldhoven is alle winterkleding uit de rekken gehaald en al verruild voor voorjaarskleding. De schappen op alle andere afdelingen zijn ook bijna helemaal leeggehaald. Als straks de deuren weer open mogen, is bijna de hele winkelvoorraad vernieuwd. Net als in Bergeijk en Waalre.”

 

To do-lijst

Ook wordt er het nodige geklust en gereorganiseerd. ”Hier in Veldhoven zitten we al ruim 20 jaar en hadden we een flinke to-do-lijst waar we maar steeds niet aan toe kwamen. Zoals schilderwerk, reorganisatie van rekken, een plankje en schroefje hier, een kastje plaatsen daar, elektra aanpassen en alles poetsen,” somt hij op. “Dat is een van de weinige voordelen van deze periode. Je kunt hier bijvoorbeeld geen deuren schilderen als je open bent. Het is veel werk. Waar normaal een stuk of tien man zou opduiken om mee te helpen, doen we dat nu met een paar vaste medewerkers.”

Erwin vertelt dat ze nog wel een tijdje toe kunnen met de to-do-lijst. “Met minder handen gaat alles nu anders en in een lager tempo. En waar er bijvoorbeeld normaal tien tot vijftien mensen de kleding sorteren, zijn er dat nu maar vier.”

 

Gemis vrijwilligers

Het grootste gemis volgens Erwin: “De gezelligheid en saamhorigheid met elkaar. Het is hier normaal heel fijn zo met zijn allen, gewoon sociaal bezig zijn. Maar het is nu even niet anders.”

Ook in Waalre legt filiaalleider Tom Dietvorst deze sociale kant van de medaille uit: “Het is heel vervelend dat we onze vrijwilligers moeten teleurstellen. Iedereen wil graag komen. Velen zijn gebaat met een bepaald ritme en structuur.”

Josephine Muller, filiaalleider van Bergeijk, vult aan: “Ja, dat is echt verschrikkelijk. Ik mis onze vrijwilligers enorm. Voor hen biedt het werk hier structuur en het is vaak de enige, of een van de weinige plekken waar ze sociaal contact hebben. Dat valt voor hen nu weg. Direct na een persconferentie belden de vrijwilligers omdat ze het zo rot vinden dat de winkel nog steeds niet open kan”, vertelt Josephine. “Ze willen zo graag hier zijn. En ik mis ze ook allemaal. Het is echt verdrietig.”

Keihard gewerkt

Wat de activiteiten achter de schermen betreft, zijn ze in Bergeijk eigenlijk wel klaar.  Ze waren druk met alle spullen vernieuwen, uitbreiden van het aantal kledingrekken, reorganiseren van de indeling en alles poetsen. “We hebben bijvoorbeeld de klein meubels dichter bij de kassa gezet, zodat je er minder ver mee hoeft te sjouwen. En we hebben de best lopende artikelen meer ruimte gegeven.” Josephine overweegt om misschien nog wat oude meubeltjes te gaan verven.

Deze tweede lockdown vindt de filiaalleidster vreselijk. “We hebben vorig jaar keihard gewerkt om de gederfde omzet door de eerste lockdown goed te maken. En omdat we er met zijn allen flink de schouders onder hebben gezet, is dat net gelukt. Maar nu is dat bijna niet meer haalbaar”, vertelt ze. “De kosten lopen door terwijl we zonder inkomsten zitten. Dat moet niet veel langer duren. Ik hoop écht dat we het hier gaan redden, want dit werk is gewoonweg mijn passie.”

 

Hoop voor toekomst

Ook in de vestiging in  Waalre ziet het dagelijkse leven er heel anders uit. Afgezien van de halvering van de werkweek, zijn er nu alleen nog de vaste medewerkers aan het werk. “Wij hebben deze tijd benut om de boel te verbeteren. Er is een airco geplaatst bij de kleding op de eerste verdieping waar zomers de temperaturen flink kunnen oplopen”, vertelt filiaalleider Tom Dietvorst, die zelf gevloerd werd door het coronavirus. “Verder zijn er veel schappen veranderd en uitgebreid bij het speelgoed en de kleding. Bij de eerste lockdown zijn we begonnen met opruimen en het strenger selecteren van alle spullen. Alle voorraden die nog uitgezocht moesten worden, zijn uitgezocht”, somt hij op. “We hoefden niet te klussen of te verven omdat we nog maar twee jaar op deze locatie zitten. Die zag er helemaal pico bello toen we er in trokken.” Het einde van alle activiteiten achter de schermen is wel in zicht, geeft Tom aan. En ook in Waalre gaan ze een week voordat alles weer open mag, met de opstart aan de gang.

Hoe Tom tegen deze tijd aankijkt? “Ja, het is een spannende tijd. “Ik hoop en geloof dat de regering ons ondersteunt. Hoewel het een lening betreft die je toch moet zien terug te betalen.” Zelf is hij helemaal klaar met de lockdown. “Je vraagt je natuurlijk af hoe lang die nog zal duren. En of de mensen ons daarna weten te vinden met hun spullen en klandizie. Het zou ook zomaar veel drukker kunnen worden. Hoe dan ook houden we hoop voor de toekomst”, besluit hij monter.